zondag 21 september 2008

'Ik ben de politiek zo beu als koude pap'

.
De Standaard, zaterdag 20 september 2008

Een oom en een tante die hun gouden huwelijksverjaardag vieren. Een uitgelezen gelegenheid om de familie nog eens te zien. Vorig weekend mocht ik, op uitnodiging van mijn gouden nonkel Jef en tante Madeleine, diep in West-Vlaanderen aan een geweldige feestdis aanschuiven. Er werd gegeten, gedronken, gespeecht en gezongen. En tussen alle gangen in werd de politiek uitgespuwd.

Salons De Vrede in Ichtegem, halverwege tussen Torhout en Oostende, beschikken naar eigen zeggen over 'de uitgelezen accommodatie om van elk feest een succesvol en geslaagd feest te maken'. De salons gaan er prat op dat 'alles kan aangepast worden naar (sic) de wens van de klant'. Mijn oudste oom en de vrouw met wie hij al een halve eeuw het bed deelt, hadden zo te zien de lat behoorlijk hoog gelegd.

Honderdzestien [Vandermeersch schijnt ook telwoorden boven de honderd in één woord te willen] genodigden uit de 'brede familie- en vriendenkring', zo had De Vrede kennelijk als opdracht gekregen, dienden op een meer dan bourgondische [en hier hoorde een hoofdletter] manier gesoigneerd te worden. En iemand soigneren, dat wil wat zeggen in mijn familie. Daar gaat om te beginnen een langdurige studie over de tafelschikking aan vooraf. Dat kan alleen als er heel veel lekker eten wordt geserveerd. En dat gaat onvermijdelijk gepaard met vele glazen champagne, wijn en - voor de liefhebbers onder de nonkels - korte drank.

Familiefeesten, dat betekent in de familie Vandermeersch ook Vlaamse cultuur. De tafels luisterden naar namen als 'Kapellekensbaan', 'Vrijdag' en 'Prutske'. Een inderhaast samengesteld koortje, waarin ik enkelen van mijn naaste familieleden meende te herkennen, zong schone liederen als daar zijn het 'Hutje op de Hei'. En een dichter, in wie ik dan weer mijn gouden nonkel zelve vermoedde, had zich uitgeleefd op de menukaart die op elk bord prijkte.

Maar geen familiefeest die naam waardig of er wordt uitgebreid over politiek gedebatteerd. Het Egmontpact van Tindemans, het racisme van Dewinter, de worsten van Vanden Boeynants, de kippen van Dehaene, het verbrande geld van Vandenbroucke, de helikopters van Claes, de defenestratie van de Gucht. Ze zijn allen gepasseerd op nieuwjaarslunches en huwelijksfeesten, zelfs aan koffietafels.

Dit keer was het niet anders. Of toch. 'Ben jij dat nog steeds niet moe?' Zo werd ik begroet door een van mijn neven, nog voor ik de drempel van Salons De Vrede had overschreden. Wat 'dat' dan wel was, was meteen duidelijk. Dé politiek. 'Ik heb afgehaakt', vervolgde mijn neef. 'Ik lees het niet meer. En als ze het er op televisie over hebben, zap ik weg. Ik ben het zo beu als koude pap.'

Bij wijze van begroeting kan dat tellen. Het was nog maar het begin. De champagne mocht dan wel vrolijk opborrelen en de aperitiefhapjes mochten gul worden rondgedeeld, waar ik ook ging staan, veranderde de ambiance. 'Ze kunnen het niet, hé', stelde een tante vast. 'Hoe jullie daar nu al zo lang kunnen over schrijven. In het begin, toen ze in Hertoginnedal zaten, vond ik het nog interessant. Maar intussen is er niks gebeurd. Is Leterme nu eigenlijk nog premier? Of is hij ontslagnemend? Of wanneer zal hij ontslag nemen?'

'Dat Verhofstadt maar zere terugkomt uit Italië', viel een man in. Omdat hij van de andere kant van de familie is, kende ik hem niet. Hij vertrouwde me meteen toe dat hij weliswaar voor Leterme had gestemd, maar zich dat nu ferm beklaagde. Zelf afkomstig van Alveringem, vond hij dat ze er in Brussel 'een potje' van hebben gemaakt. 'Heel dat gedoe met Brussel-Halle-Vilvoorde hangt mij de keel uit. Dat ze daarover zo'n spel maken, dat gaat er bij mij niet in.'

Ik maneuvreerde [manoeuvreerde] me langzaam weg van BHV naar de feestzaal, waar ik mijn naambordje vond aan de tafel met het bordje 'Prutske'. 'Heel toepasselijk voor jou', grijnsde een neef, die twee tafels verder zat. 'De prutsers van de politiek. Daar heb jij toch elke dag mee te maken.' Lap. Die zat. Even in het menu duiken om te ontsnappen aan alle ras-le-bol-gevoelens. 'Uit de as van Hugo Claus in zee, brachten wij wat lekkers mee', las ik. De combinatie van tong en zalm was inderdaad meer dan lekker. Tot mijn vreugde bleek mijn tafelpartner bovendien de uit het Russische Moermansk afkomstige partner van een van mijn neven. Ik probeerde het debat op gang te trekken over Russen en Georgiërs. Maar de mooie Russische wilde vooral weten waarom wij er in dit kleine België maar niet in slagen om overeen te komen.

Even de handen gaan wassen. Ik sta letterlijk te plassen als naast mij een aangetrouwde neef van wal steekt. 'Weten die politiekers eigenlijk waarover het gaat? Gaan die gasten wel eens op café? Ik ben dat spuugzat. D'er is maar één die 't kan: Dedecker. Dat is ten minste ne vint die weet waarover dat 't gaat. Gene zever. Dat hij maar premier wordt. En diene Leterme kan met heel zijn boeltje terug naar Ieper. Schrief dat moa ne ké up in uw gazetje.'

Intussen wordt het hoofdgerecht geserveerd. 'Een van Gezelles Kasselkoeien, kan enkel in je maag nog loeien', gaat de dichter op mijn menukaart verder. De stoel naast de mooie Russische is bezet en ik vind elders een plekje om een stukje rundvlees met groentekrans te prikken. Hier probeert een oom toch wat verder te gaan dan de platte antipolitiek. 'De Vlamingen moeten het been stijf houden. Het is duidelijk de schuld van de Franstaligen. Die Maingain, dat is puur vergif', poneert hij. Maar een debat over de grond van de zaak is vandaag te veel gevraagd. 'De politiek is één pot nat', smoort een aangetrouwde neef van mijn vader het begin van de discussie. 'In mijn zaak moet ik zo weinig mogelijk tijd stoppen in een verkoop', zegt de man, zelf een succesvol zelfstandige. 'Hoe meer tijd ik erin stop, hoe minder ik eraan verdien. In de politiek is het duidelijk: hoe meer tijd ze besteden, hoe meer ze verdienen.' Niemand probeert zelfs maar om de redenering tegen te spreken.

We worden gered door het spectaculaire nagerecht. 'Geen feest compleet zonder de Fee, Hij brengt meteen Pallieter mee, Die in het ijslandschap alvast, Een gouden 50 heeft geplast'. De ijstaart, vuurwerk incluis, wordt opgevoerd. Applaus stijgt op. Het gouden paar glundert. De knopen in de dassen zijn intussen wat losser gemaakt. Mouwen opgestroopt. Jasjes hangen over de stoelen.

Eensgezindheid vecht met tegenstrijdigheid. Ja, iedereen is het erover eens dat 'het' nog nooit zo erg is geweest. Dat 'de onkunde' onbeschrijfelijk is. Dat 'ze' niet bezig zijn met wat 'de mensen' bezighoudt. En dat we het 'allemaal kotsbeu zijn'. Maar tussen die vaststellingen en de oplossing staan vele glazen wijn en praktische bezwaren. Het 'been stijf houden', zegt de ene. Een compromis 'met de benoeming van die onnozele burgemeesters' en het 'afstaan van die corridor met bomen en konijnen', vindt een andere. 'Verkiezingen', stelt een derde. De tante die 'Verhofstadt terug' zegt, vindt bij velen gehoor. Maar vooral de nonkel die in Dedecker de 'man van het moment' ziet, kan op bijval rekenen.

Het feest loopt ten einde. Ja, beste nonkel Jef en tante Madeleine, het was een geweldig weerzien met de familie in een fantastisch etablissement. Ze hebben ons gesoigneerd, zoals alleen gulle West-Vlamingen dat kunnen. Ja, de cultuur was er. Het koortje zong mooi. De speeches waren verfijnd. De menukaart poëtisch. En zoals altijd zat de politiek met ons aan tafel. Alleen: nog nooit was het gevoel van afkeer voor de politiek zo sterk aanwezig. Ik had wat om over te denken op weg van Ichtegem naar Brussel. Troost vond ik alvast in de laatste paragraaf van jullie menukaart: 'Weet je nog wat Max Havelaar sprak, tot alle hoofden van Lebak? Schenk haar, schenk hem en elk van jullie, een kopje troost van Multatuli.'
.

Geen opmerkingen: